Het was de eerste nacht in haar konijnenleven die Lappie in haar eentje doorbracht. Bijna tweeduizend keer had ze de zon op zien komen met Vlekkie aan haar zij. Meestal van achter de tralies van hun hok, soms vanuit een hok op de logeerboerderij en heel soms in de vrijheid van de tuin als ze in de zomer een nachtje buiten mochten blijven.

Maar nu was alles anders. Nu was ze alleen. En het kon haar geen zak schelen. Nou ja, dat zeiden we tenminste tegen de kinderen. In iets mildere woorden. Maar twee dagen later moesten we die woorden een beetje terugnemen. Lap was als een dolle aan het graven gegaan in haar ren. Iets wat ze al jaren niet had gedaan. Was ze… op zoek naar Vlekkie?

Er was wel iets licht pedagogisch door mijn hoofd gegaan toen we vijf jaar geleden de twee snoezige konijntjes kochten. Zo van: dan leren de kinderen ook een beetje verzorgen en verantwoordelijkheid en uiteindelijk ook iets van verliesverwerking. Maar dat het zo goed uit zou pakken had ik nooit gedacht. Lappie werd flink in de watten gelegd. We hoefden niet meer te vragen of iemand even de konijnen wilde voeren. Dat was het eerste wat ze ‘s ochtends deden. Lappie kreeg regelmatig een extra aai over de bol. En we waren allemaal verheugd om te zien hoe goed ze haar leventje weer oppakte.

Heel leerzaam dus, huisdieren. Ook voor mij, met amper rouwervaring. De avond van Vlekkies dood zat ik sentimentbelust door oude konijnenfoto’s te bladeren. De mooiste postte ik in onze gezinsappgroep. De volgende dag kocht ik extra knabbelstokjes voor het weduwkonijn. Dat wordt nog wat als het straks over opa’s en oma’s gaat.